De Duitser Ernst Gräfenberg “ontdekte” de erogene zone die vrouwen tot een climax kon helpen brengen, maar het was de Amerikaanse professor Beverly Whipple die de ontdekking wereldkundig maakte. Hij onderzocht 400 vrouwen en publiceerde hoopgevende resultaten over dit trosje hypergevoelige zenuwuiteinden.
Aan het onderzoek namen tweelingen deel. Als een helft van een identieke tweeling zei dat ze een g-spot had, moest de ander dat ook hebben aangezien zij hun genen delen. Dat bleek echter niet zo te zijn, dus gaat het volgens professor Tim Spector om een mythe.
“Dit is verreweg het grootste onderzoek ooit en het toont duidelijk aan dat de idee van een g-spot puur subjectief is. Vrouwen mogen dan zeggen dat het bezit van een g-spot samenhangt met dieet of lichaamsbeweging, maar in werkelijkheid is het vrijwel onmogelijk er concrete sporen van te vinden”, aldus Spector.
De meeste artsen hebben altijd al twijfels gehad bij het bestaan van de g-spot. Volgens gynaecoloog Gedis Grudzinskas “bewijst dit onderzoek het verschil tussen populaire wetenschap en biologische of anatomische wetenschap”.
Gerelateerde posts:

























